06-08-14

Geachte mijnheer M. (Herman Koch) ***

Geachte mijnheer K.,
Beste Herman,

Ik zal het maar bij aanvang toegeven: ik ben zo een lezer die met groeiende bewondering uw oeuvre verorber, zelfs uw laatste twee als hoogtepunten uit de Nederlandstalige literatuur aanschouw, maar vanuit een voor mij onbegrijpelijke vorm van leedvermaak afwacht of u aan de gespannen verwachtingen kan voldoen, of u genadeloos in de vergeetput der ooit beloftevolle maar per slot van rekening voor de geschreven letterkunst irrelevant gebleken auteurs zou tuimelen.

Mijn leedvermaak zal moeten wachten. U heeft alweer een krachtig, verrassend en uiterst intrigerend werk geleverd. De plaats die ik in mezelf had vrijgehouden voor geconsumeerd leedvermaak wordt nu gevuld met toegevoegde bewondering, en, eerlijk gezegd, ik ben er gelukkig om.

Uw stijl is nagenoeg vlekkeloos, daar is iedereen het intussen mee eens. Hier en daar komen zelfs nieuwigheden aan bod. De wisselende perspectieven geven u de ruimte om de verhaallijn te herbeginnen alsof de lezer nog van niets wist –niet nieuw qua effect, maar u gebruikt het treffelijk subtiel. Ook het beginnen in briefvorm vond ik geslaagd (het is wachten tot u eens een volledige roman kan vullen met enkel brieven, zoals bijvoorbeeld Montherland deed, maar ik verveel u wellicht met dergelijke voorstellen).

koch,herman,geachte,mijnheer,nederlands,literatuur,kritiekHet verhaal is minstens even spannend als uw vorige boek, Zomerhuis met Zwembad. U weet een feitelijk banaal incident tot een verheven geheel te weven, een schare aan mensenlevens bijeen te breien tot een ontwerp waarvan de hals de lezer lijkt te gaan verstikken, totdat een ultieme ontknoping hem verlost uit de grip van het verhaal waarin u hem pagina’s lang in meegesleurd heeft.

Vergeeft u me mijn ijdele grootsprakerigheid bij het beschrijven van de impact die uw laatste roman op mij heeft gehad, het is slechts een onhandige poging om mijn bewondering te verwoorden. 

U heeft er een fan bij, en het potentieel aan leedvermaak waarmee ik uw laatste boek aanving, laat ik vanaf heden achterwege om plaats te maken voor de blijde verwachting van uw volgende werk.

En, mochten de kritieken vanuit de hoek der leraren alsook de schrijversgilde aan uw auteursgemoed knagen, wat ik betwijfel, maar soit, weet dan dat ik als aspirant leerkracht en (vooralsnog) mislukt schrijver alvast geen bezwaar kan uiten over de manier waarop u deze beschrijft. Ik had al zeker niet het gevoel dat uw stellingen (of deze van de personages uit uw boek) als universeel moeten gelden. Dergelijk schrijver bent u niet. Ironie en sarcasme blijven uw handelsmerk, en het is in dit geval niet geheel ontdaan van zelfkritiek. Ik geniet er alvast mateloos van.

Uw genegen lezer.
F.

Gepost door Frederic De Meyer in Algemeen, cultuur, literatuur | Permalink | Commentaren (0) | |  Facebook | | | | Pin it! | |  del.icio.us

De commentaren zijn gesloten.