14-06-14

De gewichtlozen (Valeria Luiselli) ****

Een verticaal verhaal, horizontaal geschreven”…

Gedreven door de nagenoeg unanieme lofzangen die Valeria Luiselli te beurt vallen, ben ik op mijn beurt gevallen. Neem dit laatste maar letterlijk. Valerie swingt! Haar taalgebruik en haar verhaallijn zijn rechtstreeks gekopieerd uit de beste jazz-composities, een soort Boris Vian in het moderne kwadraat, en vaak doet ze hierbij denken aan strip-auteurs bij het befaamde Franse L’association, zoals de Candadese Julie Poucet (bijvoorbeeld het feit dat haar man af en toe in het boek rechtstreeks intervenieert en commentaar geeft op wat ze net geschreven heeft).

Ze citeert in een adem zowel Walter Benjamin als Appolinaire. Haar eruditie smeert ze zacht over de zachte, soms nostalgische toonaard van haar schrijven.

Ze blijft niettemin een ‘lost soul’, daar heeft ze tenslotte de leeftijd voor:

Ik vond het fijn met een meubel over straat te lopen. Het is iets wat ik al een tijdje niet meer heb gedaan. Maar wanneer ik het deed, voelde het alsof ik een persoon was met een doel” (p29)

Valeria heeft echter filosofie gestudeerd, en ook dat laat ze regelmatig voelen, zonder ooit pedant te worden: 

Entrer des mots clefsDe vezel van de fictie begint aan de werkelijkheid te tornen en niet vice-versa, zoals dat zou moeten zijn. Geen van de twee dingen is offerbaar. De enige remedie, de enige manier om beide zijden van een verhaal te redden is één gordijn neerlaten en een ander omhoogtrekken: de jaloezieën omlaag laten om je hemd te kunnen opknopen: een verhaal uit een archief schrappen en een nieuw plot in een ander verhaal weven.” (p 79)

Deze opmerking is treffend voor wat ze met “De gewichtlozen” verwezenlijkt heeft. Het verhaal is rechtlijnig, maar kent duizenden vertakkingen. Het boek is een octopus, evenwijdig aan de gedachtestroom van de mens. Een verticaal verhaal, horizontaal verteld…

“Toen ik in vreemde bedden sliep, sliep ik altijd heel vast en stond s’ochtends vroeg op. Ik kleedde me snel aan, stal het een of ander –vooral handdoeken die lekker roken, of witte overhemden- en ging met een goed humeur de straat op. Ik kocht een kop koffie on the go, een krant, en zocht een openbaar plekje waar ik vol in het zonlicht ging zitten lezen. Het was precies dat waarvan ik genoot bij het in vreemde bedden slapen: vroeg wakker worden, me de deur uit haasten, een echte krant kopen en in de zon gaan zitten lezen.

Entrer des mots clefsIn dezelfde adem heb ik haar eerste boek gelezen, “Valse papieren”. Zo mogelijk nog verticaler dan het eerste, nog horizontaler verteld (doet me trouwens sterk denken aan de ‘verticale poëzie’ van Roberto Juarroz). Nog iets te gretig in vergelijking met haar tweede boek, ze is in “Valse papieren” nog net iets te nadrukkelijk op zoek naar hoe haar eruditie een maximaal effect kan hebben.

Op een vrije, paradoxale manier is anonimiteit een karaktertrek van afwezigheid: het is de afwezigheid van karaktertrekken”.

 

 

 

Alleszins knap allemaal, bijzonder intrigerend en veelbelovend voor een “jong aanstormend talent uit Mexico”.

Voor mij ook een eerste ontmoeting met de –relatief- nieuwe uitgeverij Karaat, die blijkbaar nog meer aanstormend talent herbergt. Mijn leeslijst breidt uit, mijn vrije tijd jammer genoeg niet…

Valeria, consider me a fan!

Entrer des mots clefs

Gepost door Frederic De Meyer in cultuur, literatuur | Permalink | Commentaren (0) | |  Facebook | | | | Pin it! | |  del.icio.us

De commentaren zijn gesloten.