13-03-10

Brief van een onbekende (Stefan Zweig)

Moeilijk, zoniet onmogelijk om niet tot in de diepste vezels ontroerd te zijn door deze bekentenis, die vaak als voorbeeld wordt aangehaald om het meesterschap van Zweig’s novellen aan te tonen –hij schreef deze in 1922, rond dezelfde tijd als zijn biografie van Erasmus.

Een veertigjarige auteur krijgt op een ochtend een brief, waarin een vrouw hem haar liefde verklaart die ze al sinds ze dertien was en in het appartement naast hem woonde, koesterde. Doorheen haar leven volgt ze hem als een schim, vanop een afstand, vol passie en overgave.

Hun wegen kruisen elkaar twee maal, bijna toevallig, twee ogenblikken waarop hij haar gewaar wordt, haar versiert en met haar de nacht doorbrengt, om haar s’anderdaags volledig te vergeten. De eerste nacht was ze een jong, naïef meisje. Uit deze nacht zou een kind voortkomen, waarvan hij het bestaan pas met deze brief verneemt. De tweede nacht is ze al een aantrekkelijke vrouw ‘van de wereld’, maar hij ziet haar aan als een luxe-prostituee en betaalt haar wanneer ze s’ochtend zijn appartement verlaat.

De auteur in kwestie is nochtans geen onmens, integendeel, het is een gentleman. Maar het is zijn duale karakter, die zij zo goed inschat en om dewelke ze juist passioneel verliefd is op hem, die hem zo doet handelen: ernstig en verantwoordelijk voor zaken van wereldlijke orde, frivool en zorgeloos voor zaken als emoties en vrouwelijke verroveringen.

De dramatische ondertoon van de novelle wordt gevormd door het feit dat hij haar tot tweemaal toe versierde zonder haar te herkennen, dat ze geen identiteit leek te hebben in zijn ogen, geen ‘vaste vorm’, alsmede door haar noodlottige berusting in dit feit, een berusting die enkel kan voortvloeien uit werkelijke liefde, uit onvoorwaardelijke overgave.

Aanzet voor de brief is de dood van haar (hun) kind, en haar nakende zelfmoord. De brief is in werkelijkheid een laatste poging om het recht op te eisen herinnerd te worden door de man die ze liefhad, een allerlaatste roep om zichzelf te kunnen zeggen ‘ik heb bestaan’.

Zoals vaak bij Zweig is ook in deze novelle sprake van een dubbele laag, want is de jonge auteur die de brief ontvangt geen kopie van Zweig, die op zijn minst niet ongevoelig was voor het vrouwelijke schoon en bij dewelke hij dankzij zijn spirituele geest en zijn natuurlijke elegantie niet weinig successen boekte ? Kan men zich Zweig zelf inbeelden, die op zijn veerstigste een soortgelijke brief ontvangt ?

 

zweig lettre inconue

Clik hier om het boek te kopen (Franstalig): Lettre d'une inconnue

<-->

Gepost door Frederic De Meyer in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | |  Facebook | | | | Pin it! | |  del.icio.us

De commentaren zijn gesloten.