26-07-09

Mémoires de deux jeunes mariées (Balzac)

Een roman in de vorm van een briefwisseling, het was geleden van ‘Les jeunes filles’ van Montherland dat ik dergelijke vorm nog was tegengekomen. Voor Balzac vormt het een uitstekende manier om de twee vormen van (vrouwelijke) liefde te bestuderen: de passionele en de berekende.

Twee vriendinnen verlaten op achtienjarige leeftijd het pensionaat. De een, dochter van een markies, keert terug naar haar ouders in Parijs. De ander, dochter van een baron, keert terug naar haar provinciale domein nabij Marseille. Beide hebben ze op het pensionaat wilde dromen gekoesterd over wat de liefde hen zou geven, ze hebben er zich een ideëel beeld van gevormd, en beide zijn er vast van overtuigd hun amoureuze lot naar hun hand te zetten.

De eerste die een stap in die richting zet is Renée, de dochter van de baron. Onder druk van haar vader beslist ze te trouwen met een jongen die volledig verwilderd en mentaal vernietigd uit de Russische oorlog is teruggekeerd. In een brief naar haar vriendin beschrijft ze hoe ze van plan is hem naar haar hand te modeleren, hoe ze hem weer trots en ambitieus zou krijgen. Het hele verdere verloop van haar leven staat er bij voorbaat in uitgetekend.

Tot grote ergernis van haar vriendin Louise (‘Tu te fais le destin au lieu d’être son jouet’), die in de berekende houding van Renée nergens de grote aspiraties die terugvindt die ze tesamen over de liefde hadden. Na de ontdekking van de Parijse high society, die haar als een grote teleurstelling overkomt, gezien ze nergens bij de lege, wezenloze jongeren enig teken van passie terugvindt, ondervindt Louise haar eerste passie voor een in onmin geraakte Spaanse minister in ballingschap. Ze weet hem subtiel rond haar vingers te winden, maar hun huwelijk blijft kinderloos, terwijl haar vriendin in de Provence haar ware passies ontdekt in haar liefde voor haar drie kinderen.

Na het overlijden van de Spanjaard kent Louise nog een tweede passie voor een jongere, armere man. De passie voor die jongere consumeert haar echter. In een –nutteloze- jaloerse opwelling pleegt ze zelfmoord.

Totdusver het verhaal, maar Balzac is eerst en vooral een schetser van de zeden van zijn tijd. Hier worden ratio en passie naast elkaar gelegd, beschreven en ontleed. De lezer wordt, door de sterkte van de argumenten, steeds over en weer getrokken en helt dan eens naar een goedkeuring van de ene, dan naar de andere levenshouding –het deed me denken aan het fantastische betoog van José Bergamin over de stierengevechten, waar tot mijn eigen ontsteltenis zelfs de verdediging ervan mij tot de meest evidente optie overkwam.

Uiteindelijk betoogt Balzac hier een relativistische moraal, of eerder een antropocentrische vorm van moraal: ‘La vertu, mignonne, est un principe dont les manifestations diffèrent selon les milieux [...]. Chaque vie humaine offre dans son tissu les combinaisons les plus irrégulières; mais, vues d’une certaine hauteur, toutes paraissent semblables’.

Van de verschillende belevingsvormen van de liefde, de rationele en de passionele, bestaat er geen ‘juiste’, zelfs al leidt de een naar de ondergang, de ander naar middelmatigheid, en zelfs al bekijken beide liefdesvormen elkaar af en toe jaloers aan. Bij de eindrekening, vanuit een universeler standpunt bekeken, heeft niemand werkelijk gelijk.

Dit is wellicht niet Balzac’s belangrijkste werk, maar het past perfect in de zedenschets die hij van zijn tijd wou maken, zoals opgetekend in zijn monumentale ‘La comédie humaine’. Daarbij komt dat ik mij in mijn litteraire ontdekkingsreis doorheen Balzac heb voorgenomen geen periode achterwege te laten. Dit stuk komt uit het eerste deel van zijn verzameld werk in de collectie Pléiades, die XI delen omvat, en waarvan ik mij de eerste drie delen heb aangeschaft. Ongetwijfeld volgt er dus nog meer Balzac op deze blog.

Twee stukjes wou ik hier letterlijk overnemen, de eerste toont aan hoe de visie van de vrouw over de man, hen uiteindelijk voedt in hun ambitie om de man te manipuleren tot wat de vrouw er zelf wil van maken... men vergeet het soms, maar de ‘homme-objet’ precedeert ruimschoots de ‘femme-objet’ van de jaren zestig:

‘L’homme obéit à deux principes. Il se rencontre en lui le besoin et le sentiment. Les êtres inférieures ou faibles prennent le besoin pour le sentiment ; tandis que les êtres supérieurs couvrent le besoin sous les admirables effets du sentiment : le sentiment leur communique par sa violence une excessive réserve, et leur inspire l’adoration de la femme.’

Het tweede stuk dat ik wil belichten komt uit een brief van Renée aan Louise, na de geboorte van haar eerste kind. De moederschap vormt voor haar de vervulling van het waanbeeld die beide vriendinnen koesterden over de ‘passie’. De onvoorwaardelijke liefde van een moeder voor haar kind, en de volledige overgave die ze ervoor terugkrijgt van haar kind, geldt voor haar als ultieme verwezenlijking van de passie. Dit wordt wellicht het best uitgebeeld in haar beschrijving van hoe baby’s naar de borst van hun moeder hunkeren:

‘ Ce petit être ne connaît absolument que notre sein. Il n’y a pour lui que ce point brillant dans le monde, il l’aime de toutes ses forces, il ne pense qu’à cette fontaine de vie, il y vient et s’en va pour dormir, il se réveille pour y retourner. Ses lèvres ont un amour inexprimable, et quand elles s’y collent, elles y font à la fois une douleur et un plaisir, un plaisir qui va jusqu’à la douleur, ou une douleur qui finit par un plaisir ; je ne saurais t’expliquer une sensation qui du sein rayonne en moi jusqu’aux sources de la vie, car il semble que ce soit un centre d’où partent mille rayons qui réjouissent le cœur et l’âme. Enfanter, ce n’est rien ; mais nourrir, c’est enfanter à toute heure.

balzac 1

Klik hier voor de werken van Balzac in de collectie Pléiade: Balzac oeuvres complètes

Gepost door Frederic De Meyer in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | |  Facebook | | | | Pin it! | |  del.icio.us

De commentaren zijn gesloten.