18-07-09

Les yeux bleus cheveux noirs (Marguerite Duras)

Zoals gezegd in een vorige blogpost, heeft het lezen van Yourcenar mij nieuwsgierig gemaakt naar de twee andere corifeeën van de vrouwelijke Franse litteratuur (wel, litteratuur tout court): Marguerite Duras en Simone de Beauvoir.

 

Op reis had ik dan ook een korte roman van Duras mee “Les yeux bleus cheveux noirs”. Een knap staaltje van Duras’ eigenzinnige narratieve kunst. De roman stoelt op een lichte verhaallijn: een man, een vrouw, een derde personnage waar beide op verliefd zijn en die verder geen deelname heeft aan de roman, het is eerder een schim, een –voor de rest heel sterk aanwezige- gedachte. De vrouw is met de derde personnage in haar hotelkamer verdwenen op het moment dat de man de onbekende voor het eerst zag in de hal van het hotel, en hem meteen onherroepelijk, onmetelijk beminde. Als vergelding voor haar daad betaalt hij haar om elke nacht in een kamer van zijn huis door te brengen.

 

Deze nachten vullen ze met verwarrende, existentiële gesprekken,  lichte, soms sensuele aanrakingen of suggesties ernaar, in een zwoele sfeer van onuitgesproken emoties en verlangens. Margueritte Duras focust voornamelijk op het begrip –of eerder het gebrek eraan- van de mens omtrent zijn conditie, de steeds smaller wordende gang van de toekomst, de vernauwende, verstikkende mogelijkheden die ons worden opgelegd. Aucune définition extérieure ne se propose pour dire ce qu’ils sont en train de vivre. Aucune solution pour éviter la souffrance“ .

 

Duras is duidelijk schatplichtig aan zowel Sartre (het hoge ‘Huit Clos’ gehalte van haar boek, de verstikkende manier waarop personnages op elkaar zijn uitgekeken doch niet zonder elkaar kunnen) en Becket (voornamelijk omwille van de dialogen die vaak ‘naast elkaar’ bestaan –als consecutieve monologen).

 

Wat menige lezers van de roman misschien wat zal verbazen is de hoeveelheid tranen die erin worden gestort. Op elke pagina is wel een van beide personnages –zoniet beide- aan het huilen. Maar ook dit heeft een betekenis, in die zin dat het de absurditeit van de menselijke conditie nog versterkt: “Il voudrait qu’elle pleure comme lui il pleure. Il voudrait que les sanglots sortent de leurs corps sans qu’ils sachent pourquoi. Il pleure tandis qu’il le lui demande. On dirait qu’il a bu. Elle pleure à son tour et elle rit avec lui de sa demande. Il découvre qu’il n’a pas assez pleuré jusque-là dans sa vie. Il a fallu qu’ils se rencontrent pour que ce soit possible. »

 

 

Voor mij geen twijfel : een grote dame uit de Franse litteratuur.

 

duras 4

Gepost door Frederic De Meyer in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | |  Facebook | | | | Pin it! | |  del.icio.us

De commentaren zijn gesloten.